h1

“Kyk noord en fok voort”

15 april, 2011

“Kyk noord en fok voort”. This translates directly as “Look north and fuck onwards”, but the saying actually means something more like “Grit your teeth and persevere”

Ek kyk noord en ek fok voort…

Betekent in het Nederlands zoiets als: verstand op nul en blik op oneindig.

Maar ik ga werkelijk  richting het noorden. Paternoster is mijn volgende bestemming. En daar zit ik nu op een kleine veranda van een schitterend huis te luisteren naar het gebulder van de zee. Vroeger sprak je het word ‘Paternoster’ uit alsof je het over iets achterlijks, iets buiten de beschaving had, maar nu zijn de huizen hier totaal onbetaalbaar. De man die dit huis bewoont, (Nederlander van geboorte en architect) had de grond al lang geleden gekocht en zes jaar terug dit huis er op gebouwd. Beneden heeft hij twee kleine appartementjes voor de verhuur die een keukentje kunnen delen. Momenteel ben ik de enige gast, maar de weekends zijn blijkbaar bijna altijd vol. Een van de katten van het huis, een enorm exemplaar ligt hier bij me, half over het toetsenbord heen om in de buurt te blijven van mijn handen. Hij wil steeds aangehaald worden. Ja, er is voor mij niet veel nodig om me thuis te laten voelen.

Chief

Kaapstad en Houtbaai laat ik achter mij na een paar schitterende dagen, niet alleen wat het weer betreft.

De dag na Henk’s bezoek breng ik eerst een bezoek aan de wekelijkse craft-market. Allerlei Afrika snuisterijen zijn er te koop maar ook tweedehands boeken, kleding, planten en voor mij een luilekkerland: biltong en gedroogd fruit. Ik sla wat in en dan ga ik met mijn boek en strandhanddoek naar het  andere Houtbaaise strand. De bruine jongetjes laat ik maar over aan nieuwe naïeve toeristen.

Een nieuwe ontmoeting wacht me daar. Als ik er een half uur zit komt er een vrouw aanlopen die vraagt ‘if she can line up with me’. Het strand is van iedereen maar mijn plek spreekt haar aan. We raken aan de praat. Ze komt uit Vishoek, aan de andere kant van het schiereiland. Maar omdat ze verwikkeld is in een echtscheiding had ze geen zin om tussen bekenden op het strand te gaan liggen. Ons gesprekje bevalt haar wel, en als ik het voor gezien houd omdat ik bang ben om te verbranden vraagt ze of we elkaar weer kunnen zien. We eten een keertje samen en ze brengt haar zoon mee, die binnenkort naar Engeland vertrekt om daar te gaan werken als kok. We mogen elkaar beslist en de volgende dagen houden we geregeld contact.

Ik wil eigenlijk zo snel mogelijk een paar goeie sandalen kopen, waarmee ik over rotsen kan klauteren en in het water kan lopen. Daarvoor kom ik op Canalwalk terecht. Een enorm en prachtig winkelcentrum. Ook weet ik van een fabriekje in Kaapstad dat interessante glazuren maakt voor keramiek.

Op het t-shirt: Jammer om van jou kak te hoor

Met mijn Tomtom kom ik overal, ik ben niet afhankelijk van routebeschrijvingen. Gouden Greep om de Zuid-Afrikaanse kaart via internet te kopen! Ik had deze plekken anders echt nooit gevonden.

Mijn gastvrouw stuurt me ook naar het Clay Café in Houtbaai, waar je daar vervaardigd keramiek kunt beschilderen en na twee dagen gestookt en wel weer kunt ophalen. Daar heb ik niet echt behoefte aan, maar ik leer wel in vijf minuten een nieuwe glazuurtechniek die ik voorheen nog nooit ergens had gezien! Het fabriekje ligt aan het eind van een gravelroad, ook al steil ophoog. Maar wat een uitzicht hebben ze daar vanaf het terras! Ik rijd wat af in het bergachtige Kaapstad. Mijn hellingproef-vaardigheden worden behoorlijk op de proef gesteld. De eerste dagen breekt het zweet me elke keer uit. Want ik wil toch de kleine kustplaatsjes aan de westkant van Kaapstad bekijken en daar de zonsondergang zien. Houtbaai ligt in een vallei en de zon is daar te snel achter de berg verdwenen. Kampsbaai ligt tegen de berg aan en ongeveer elk huis heeft uitzicht op de zee, en er is behalve de kustweg geen rechte weg in het hele dorp. Alles loopt steil. Ik eet bij een tentje waar ik vijf jaar geleden met een nederlandse vriend mijn verjaardag heb gevierd met een enorme schotel seafood.

Ook kom ik in de binnenstad van Kaapstad terecht. Longstreet. Een meltingpot van culturen en veel toeristen en tweedehands winkeltjes. Daar valt me in dat ik ooit op zoek was naar het boek van Credo Mutwa: Indaba, my children. En ik vind het. Mijn koffer wordt voller en voller, en het wordt een klus de boel allemaal in de bagageruimte te stouwen. Dingen zichtbaar in je auto laten is vragen om inbraak.

Als ik de dag voor mijn vertrek thuiskom staat er een nieuwe auto dwars over twee parkeerplaatsen heen. Tomtom nog aan de ruit geplakt en áán!
Tja, zegt Gerard, twee vrouwelijke politierechercheurs… Huh? En die laten hun tomtom aan en wel aan hun autoruit achter? Gerard grinnikt: Toen ik hen vertelde dat ze en kluisje in hun kamer hadden zeiden ze: O, but we didn’t bring guns this time.

‘s Avonds ontmoet ik ze. Twee van het ongelofelijk domste en dikste soort wat hier rondloopt. De volgende ochtend tijdens het ontbijt zitten ze luidkeels hun plan van aanpak voor de zaak waarvoor ze hier zijn te bespreken. Blijkbaar is dit nog steeds het niveau van mensen bij de politie…

De eigenaars van mijn gasthuis zijn van het soort die na twee dagen voelen als familie. Ik vraag waar ik dit en dat en zus en zo kan vinden. Zij vraagt me, nadat ik heb moeten vertellen over mijn Thailand ervaringen, wat ze toch aan moeten met hun kleindochter die last van eczeem en steenpuisten heeft. De avond voor ik vertrek haal ik van mijn computer een enorme zwik muziek die ik op hun computer zet. Nederlands, Frans, Spaans, instrumentaal, van alles. Erika verzucht dat het een zegen is om na 14 jaar eens andere muziek te luisteren… Ik vertel dat ik mijn leven lang niets anders heb gedaan dan muziek uitdelen. Toen ik na 18 jaar weer voor het eerst weer in Zuid-Afrika was ontmoette ik mensen die nog de cassettebandjes hadden met Boudewijn de Groot, Liesbeth List en Ramses Shaffey die ik vroeger met platenspeler op casettes zette. Ze waren wel oud, maar werden nog gedraaid… Sommige dingen blijf je doen…

Op Paternoster houdt de beschaving in zoverre voor mij op, dat ik voor internet toch echt ergens op een terras moet gaan zitten. De architect heeft me wel aangeboden dat ik op zijn computer mag werken, maar ik denk dat dat een beetje naïef gedacht was van hem. Ik heb de hele dag internet nodig. Tenminste, dat verbeeld ik mij. Ik wil natuurlijk meteen zijn naam googlen. Hij vertelt dat hij het voetbalstadion heeft ontworpen. En natuurlijk zijn eigen fantastische huis. Maar ook hier ligt de eigendommen- en bouwmarkt op zijn gat. Of op z’n knieën.

Nee hoor, geen haar op mijn hoofd...

Ik zit hier nu maar in een tekstdokument te schrijven en probeer dat later vanmiddag tijdens mijn late lunch of vroege diner op mijn weblog te zetten.

(En hier zit ik op mijn lunch plek):

Die Winkel: Oep ve koep... Open om te komen kopen. Typisch Westkust taal van de kleurlingen.

En ik maak maar aantekeningen van dingen die ik op internet wil opzoeken.

Ik ben hier gistermiddag aangespoeld, en opgepikt door een vrouw die de boekingen doet voor de eigenaar. Haar naam is Lossie Visagie. Op mijn vraag wat je moet doen om aan de naam ‘Lossie’ te komen blijkt het eenvoudig een verbastering van Elizabeth te zijn. Je verzint het niet.

Het huis van de architect. Knappe man, jaar geleden gescheiden, goede muzieksmaak, schildert ook. Nou ja, jullie horen wel hoe het verder gaat...

Zoals ik dat altijd doe, niet alleen hier maar overal: even snel het nodige uitpakken, strand spullen in een tas en richting strand.

Ik ben daar de enige, niet te geloven!
Maar de zon brandt sterk, en de wind waait behoorlijk, dus weer oppassen voor verbranden.

Droom ik?

Tegen zonsondergang ga ik weer. Het is 3 minuten lopen. Trui aan, en op een duintje zitten kijken naar  de zon die wegzinkt in die eindeloze Atlantische oceaan. Dezelfde oceaan waar ik in Frankrijk op het eiland van Oléron de zonsondergangen onderging.

En volgende week zit ik weer in Kareedouw, in de buurt van Port Elizabeth, (of Port Lossie?). En daar gaat het weer over zonsopkomsten, want dat is aan de oostkust. Met Vanda, mijn oude en beste vriendin, die daar een strandhuis bezit.

Het leven is goed.

Advertenties

2 reacties

  1. Ek is bly JY Kon Indaba, My Children kry. Het wordt een echt collectors item als veel van zijn boeken zijn nu van af te drukken.


    • Ek kon in Kaapstad omtrent AL sy boeke koop! Die onderhoud met David Icke was vir my baie besonders. Die het vir my hoendervleis gegee. Toe ek in die 70’s in Heidelberg Gauteng gewoon het, het ek wel van die boek gehoor, maar dit nooit gelees nie. Ek wonder of dit enigsins moontlik sou wees om die man te ontmoet…?



Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: