Posts Tagged ‘Cupping’

h1

Op school bij een monnik-mens met elf vingers

4 december, 2010

11 vingers

Een extra duim met perfect verzorgd nageltje


The reward of a thing well done is to have done it.
Ralph Waldo Emerson

Op een dag zegt Pikun dat ze een dag of tien Chinese geneeswijzen wil gaan leren op een school van een grote Meester (Ajarn) in de buurt van Chiang Mai. Al een paar dagen loop ik rond met een vaag gevoel dat ik niet goed weet wat ik hier twee maanden lang van plan ben te gaan doen. En als Pikul ook nog eens tien dagen verdwijnt, ga ik dan elke dag van het ene marktje naar het andere restaurantje of koffietentje? Maar meteen weet ik ook dat er ALTIJD iets voorvalt, altijd IETS onvoorziens of verrassends gebeurt. Alleen nu weet ik even niet wat dat zal zijn. Wat ik wel weet is, dat ik niets hoef te doen en me geen zorgen hoef te maken, dan gebeurt het vanzelf.
Terwijl we naar de school rijden om Pikun in te schrijven voor de cursus zegt ze: “Paula, waarom doe je niet met de cursus mee? Je weet al zoveel over natuurgeneeswijzen, je hebt al zoveel meegekregen van massages, volgens mij is dit net iets voor jou!” Ik aarzel stevig. Alle lessen zijn in het Thais en hoewel ik er elke dag een woordje (of twee) Thais bij leer gaat een gesprek voor 100% langs me heen. Ik zie dat niet zo zitten.
De leraar schijnt wel een bijzonder soort van mens te zijn. Als we bij de school komen zitten en lopen er wat mensen rond. Buiten zitten een groepje aan een tafel te eten. Waar een paar Thais bij elkaar zijn wordt eigenlijk altijd gegeten. Eén uit dat groepje roept iets, en ik loop naar ze toe. Meteen vragen ze of ik ook les kom nemen, waar ik vandaan kom en hoe ik hier terecht kom. Eigenlijk kan ik me nog niet helemaal oriënteren waarover het allemaal gaat en wie die mensen zijn. Juist deze jongens die me hier het eerst aanspreken blijken de mensen te zijn waarmee ik later het meest zal optrekken. De school is in het huis van de leraar gevestigd en al snel blijkt het eerste bijzondere aan de man die ergens van achter uit het huis tevoorschijn komt.

Ook op het logo van de school is de extra duim te zien!

Behalve die extra duim is er altijd een vriendelijke uitdrukking op zijn gezicht, die in al die tijd dat ik hem meemaak niet wijkt. Hij is geboren uit een Thaise moeder en Chinese vader, heeft in Taiwan gestudeerd, is daar Chinees-boeddhistische monnik geworden, spreekt Chinees en geeft nu les in oa.a Taiwan, Maleisië, Singapore en Indonesië. Daarbij is hem, ondanks dat hij een van de meest geziene meesters is op het gebied van Chinese geneeskunde alle snobisme en arrogantie vreemd. Nooit krijg ik ook maar het minste idee dat hij zich ergens op laat voorstaan. Wat mij hier in Thailand ook altijd opvalt en hier wel zeer sterk is het totale gebrek aan weerstand, er is altijd een vriendelijke tegemoetkomendheid. Het is altijd: ja hoor, probeer maar, kom maar, kijk maar, doe maar, we helpen je wel. Ik zou wel suf zijn om deze kans niet met beide handen aan te pakken. Als na een dag of twee blijkt dat ik er echt voor spek en bonen bij zit hoef ik niet te betalen en hou ik het voor gezien zonder dat iemand zich beledigd voelt. Voor de kosten hoef ik het beslist ook niet te laten, alles is bij het ongelofelijk lage lesgeld inbegrepen, lesboek en materiaal, elke dag drie uitstekende vegetarische maaltijden, poloshirt met embleem van onze groep. En aan het eind, als alles goed gaat, een certifikaat. Er zijn hier scholen die farangs kaalplukken en ze weinig bijbrengen en 35 euro per uur rekenen… Deze man moet dit alleen maar doen omdat het een roeping is om mensen bekend te maken en de kennis te verbreiden van deze oude, zuivere manier van omgaan met het menselijk lichaam, want rijk kan hij hier niet van worden. Er zal ons van alles worden bijgebracht. Het hoofdvak is tairopractie, een door hemzelf ontwikkelde vorm van chiropractie, verder kleuren- en muziektherapie, oor-acupuntuur, numerologie, gua sha, cupping, cupping massage (cellulite behandeling) kinesiologie, alles gebaseerd op de Chinese I Tjing, op Yin en Yang, op de harmonie in het universum. Ook Tai chi Qi gong (de Chinese manier), Feng Shui, meditatie en yoga hebben een plek in het lesprogramma.
Dus spreken we af dat ik meedoe en ons wordt verteld ons die avond om zeven uur bij de school te vervoegen.
En dat is het moment dat ik kopje onder ga in een warme, weldadige en liefdevolle maalstroom van mensen, vriendelijkheid, kennis vergaren, delen en toepassen die ik nooit en te nimmer ergens heb gezien. Waarvan ik geen idee had dat dit bestond. Als we die avond met ongeveer zeventig mensen plaatsnemen op smalle behandeltafels, die dus tevens de leerbanken zijn is er totale aandacht voor wat er daar, voor de klas, waar de meester plaatsneemt, wordt gezegd. De hele avond wordt er van alles uitgelegd over wat ons te wachten staat. Ook worden verschillende regels uitgelegd. De meeste studenten zijn intern. De dames slapen in de school op de bovenverdieping, de mannen in een bijgebouw van de tempel, op 5 minuten lopen. Bij het lesgeld is voor de mensen die intern zijn ook de overnachtingen inbegrepen. Na het eten wast ieder zelf zijn vaatwerk af, ruimt zijn eigen rommel op, veegt als het nodig is de vloer etc. Elke dag dragen we als groep een bepaalde kleur shirt. De eerste dag wit, de tweede dag roze (moest eigenlijk rood zijn, maar vanwege de politieke associaties met de roodhemden wordt het roze), dan geel, groen, oranje, (op die dag komt er een van de docenten met een KNVB-shirt), blauw etc. Ik versta van al die uitleg natuurlijk geen jota, maar, en dat is nou vanaf het begin het wonderbaarlijke, ik heb geen moment het gevoel dat ik hier weg wil. Ik zit rustig rond te kijken en observeer. Ook als ik van de lessen niet veel zou oppikken is deze belevenis totaal uniek. Maar ik leer wel degelijk veel!
De sprekers: dat blijken behalve de meester zelf ook docenten te zijn die zij aan zij met hem werken en tussen de studenten rondlopen en helpen en aanwijzigingen geven. Altijd met het grootste geduld en toewijding.
Ik had ’s middags tegen een Belgisch stel in het guesthouse verteld waar ik me mee had ingelaten. Een beetje laatdunkend zeggen ze dat dit alleen maar een ‘proeven aan’ kan zijn, maar dat je in tien dagen tijd toch onmogelijk deze technieken onder knie kunt krijgen. Ik kan voorlopig geen mening hebben en zeg het allemaal maar te zullen gaan ervaren.

Aan het begin van de cursus, veel bidden en zegenen, chanten en prevelen

De hele school met inhoud wordt besproeid met een bosje kruiden gedoopt in 'gezegend' water

De Meester trekt daarvoor een speciaal gewaad aan en alles krijgt een sproeibeurt.

Niets en niemand wordt overgeslagen, tot de potten en pannen en de meisjes in de keuken!

Nog meer sprekers die avond zijn enkele monniken die ook de cursus zullen volgen. Een stuk of acht monniken, van een jaar of twaalf tot tegen de zestig doen mee en geven zelf een bijdrage in de vorm van meditatielessen. Als iedereen zijn zegje heeft gedaan zijn de studenten aan de beurt. Iedereen stelt zich voor en vertelt over zijn achtergrond en beweegredenen om te komen leren. Later hoor ik dat de studenten niet alleen uit alle delen van Thailand komen maar ook uit alle lagen van de samenleving. Therapeuten, studenten medicijnen en Chinese geneeskunde, dokters (een internist die ook in zijn ziekenhuis mensen op alternatieve manier behandelt), masseuses, docenten, een apotheker, verpleegsters maar ook huisvrouwen die deze kennis wilden gebruiken in hun gezin, familie en kennissenkring. De speechjes worden met grote vrijmoedigheid gedaan, zijn helder en vrolijk, niemand die maar wat mompelt en snel de microfoon doorgeeft; na elk speechje wordt er geapplaudisseerd.  Als ik aan de beurt ben hou ik het kort en simpel en vraag of en als er mensen zijn die mij, de enige ‘farang’ (vrolijk lachsalvo) willen helpen door belangrijke info te vertalen, ik dat enorm zal waarderen. Want ik heb een grote belangstelling en wil graag alles leren wat er hier te leren valt. Een enorm applaus is mijn deel en een heel aantal mensen laat merken mij te willen en zullen helpen. Al die mensen die zo leergierig hier bij elkaar zijn gekomen, het lijkt of ze elkaar allemaal al jaren kennen, zo gaan ze met elkaar om. Om binnen een dag een dergelijk groepsgevoel te creëren door allemaal elke dag een bepaalde kleur te dragen, voor elk onderdeel met elkaar OHM te chanten, het bidden van de monniken voor het eten, de yell die per dag dertig keer wordt gebruld, moet je in Zuid-Oost Azie zijn; inderdaad een bad waarin ik ondergedompeld wordt en voor het eerst in mijn hele leven zo intens een groepsgevoel aan den lijve ervaar. In het westen is individualisme uitgevonden, het is een Aziaat in beginsel vreemd. Die leeft en floreert als hij in een groep functioneert. Groepsgevoel in Europa werkt op mij vervreemdend. Ik heb niets met CDAers die tijdens een congres emotioneel raken en als ik een sportstadion met deinende menigten met oranje shirtjes zie en mensen in snikken zie uitbarsten als oranje heeft verloren denk ik: laat je eens nakijken. Maar het gaat hier veel verder en er is geen moment waarop ik aan hun verstand twijfel. Ik denk omdat het allemaal op zo’n natuurlijke manier gaat.

 

Oranje shirtjes dag. De monniken passen nu automatisch in het beeld...

Het groepje monniken is wel een apart groepje binnen de groep. Ze zijn er, maar oefenen voor het merendeel met en op elkaar. Als ze al met andere studenten oefenen zijn het mannen. Ze mogen nl. geen vrouwen aanraken. Nu, ik hoef ook niet echt veel moeite te doen om contact te vermijden, het lijkt of ze een zintuig hebben ontwikkeld waarbij ik echt geen gevaar loop…. Of zíj, weet ik veel. Ik heb niks met godsdienst en al helemaal niet met godsdienst waar de ene mens meer is dan de andere. Tijdens de maaltijden zitten de studenten nadat ze in de keuken eten hebben opgeschept overal, op de massagetafels, op de grond, binnen, buiten. Maar voor de monniken worden tafels gedekt met het eten keurig in schalen opgediend. Ze mogen ook geen knapperig of hard eten kauwen. Het moeten makkelijke brokjes zijn… Vrouwen mogen het allemaal wel klaarzetten en afwassen maar ze mogen niet direct iets, bijvoorbeeld een glas water aan een monnik geven. Wel op een dienblad dat ze voor hem neerzetten, en dan neemt hij zelf het glas water er af. Allemaal om hem te beschermen tegen die gevaarlijke en verleidelijke schepsels: de vrouwen. Vrouwen mogen wel aan de voeten van een monnik zitten en naar zijn wijze woorden luisteren, of ze mogen hem levensvragen stellen. Maar een vrouw mag niet alleen met een monnik in gesprek zijn. In de pauzes zie je soms dat iemand een ander vraagt om erbij te komen zitten als ze met een monnik wil praten. Nog iets: Monniken eten na de lunch niet meer. Ze eten dus tijdens de lunch voldoende. Ook ben ik hier al zeer vrome Thais tegengekomen die zo leven. Zelfs ben ik een paar maal door mensen uitgenodigd voor een dinertje in een restaurant waarbij ze zelf niet mee aten. Dit komt blijkbaar het mediteren ten goede.

Oefenhoek van de monniken. Ik vind dit bijna grensoverschrijdend...brrr... om je pij zo hoog op te stropen is onnodig prikkelend... Deze monnik had hele lange spichtige ledematen en het uiterlijk van een alien. Een zeer wonderlijk figuur.

De kennis komt niet alleen van bovenaf. Vanaf het begin zie je mensen hun eigen technieken aan elkaar demonstreren. Tijdens de lunch van de eerste dag zit ik bij Din, de jonge vent die mij het eerst aansprak. Hij is docent psychologie en muziektherapie aan een Universiteit. Hij zit met zijn tasje naalden en vertelt en behandelt. Drie mensen zitten met naalden in verschillende delen van hun lichaam. “Heb je het wel eens ervaren?” vraagt hij. Ik schud ontkennend. “Wil je het een keer proberen?” Dat wil ik heel graag, maar ik mankeer alleen niets. Dat ik sinds ik in Thailand ben een ongelofelijk slecht dag- en nachtritme heb ben ik op dat moment even vergeten. Nou ja, dan doen we het voor better eyesight. Hij ziet me steeds maar met die leesbril rondlopen. Totaal pijnloos zet hij de naalden. Pikun komt er bij kijken, en Din vertelt haar dat niet ver van zijn stad een tempel is waar een meester-monnik acupunctuurles geeft waar iedereen (bijna gratis) kan gaan leren. Kijk, dat, en natuurlijk ook deze school, zijn nou die verborgen kennis-bronnen waar de westerling eigenlijk alleen maar per toeval terecht kan komen. Maar goed, we gaan eerst deze week maar eens tegemoet, daarna kijken we wel weer. Maar het is echt te leren, en dat hoeft geen jaren te duren. Din, 35 jaar oud, en ik krijgen een beetje een speciale vriendschap. Ik ben niet zo’n erg moeder-achtig mens, maar hij voelt wel als een soort familie. Hij wil van alles weten over Europa en Nederland. Als we ’s morgens op school komen zoeken we elkaar op en kletsen even bij. Hij heeft zich een beetje ontfermd over een van de jonge monniken, een knulletje van 13 jaar, die uit een zeer arm gezin komt. Je kunt, als je toch een goede opvoeding en opleiding voor je kind wilt hem naar een tempel sturen. Het scheelt een hongerige mond en een stuk zorg. Maar dit joch heeft het erg zwaar. Hij wil van alles weten over meisjes en hoe het nou allemaal zit. Soms is een oranje jurk een heel zwaar kledingstuk. Hij zal nog jaren monnik moeten zijn voor hij kan beslissen of dit het leven is wat hij wil. Voorlopig is afhaken voor hem niet aan de orde. Din praat vele uren met de jongen. Hij heeft een goed sociaal gevoel en wat meer is (ook daarom heb ik een bijzonder gevoel voor hem) een geweldige zin voor humor! Ik denk ook dat hij een prima docent is.

Blauwe shirtjes-dag. Dit zijn onze officiële therapeuten-shirts. Met logo.

En na deze cursus zijn we nog allemaal heel....

Als ik ’s middags in de wc in de spiegel kijk (de naalden allang weer vergeten) valt mij op dat mijn ogen lichter en helderder in mijn hoofd staan. Pikun staat erbij en zegt: “Juist, dát doet acupunctuur!”

Als ik mijn bordje ga afwassen komt er een man naar me toe die vraagt of hij mijn hand mag lezen. Jazeker mag dat! Ik hoor van anderen dat deze man er zijn beroep van maakt en werkelijk een gezaghebbende handlezer in Bangkok is. Er komt een hele kluit om ons heen zitten als hij mijn beide handen bestudeert en er gaat soms een zucht van bewondering voor mijn toekomst en leven door ze heen na zijn uitspraken. Pikun moet vertalen, maar tussen zoveel Thai en zo weinig farang verdwijnt haar kennis van Engels voor een deel. We komen er met behulp van het opgewonden gekwetter van een paar studenten wel uit en zonder in detail te treden, het komt allemaal wel goed met me. Ik zal nooit aan de bedelstaf raken…
Na twee dagen heb ik het gevoel hier te horen en helemaal niet zo erg farang te zijn. De meesten vergeten ook vaak dat ik het niet kan verstaan, omdat ik de theorielessen schijnbaar met aandacht volg en de praktijk met volle overgave meedoe en niet onderdoe voor de rest. Ik sta zelf het meest verbaasd, omdat alleen ik ten volle besef dat ondanks dat ik erbij zit en zit te kijken of ik het allemaal kan volgen, ik van het gesprokene NIETS kan verstaan. De dagen vullen zich met de praktijklessen, eerst theorie, dan demonstraties en dan op elkaar oefenen. Mijn ogen moeten functioneren als ogen en oren. De praktijklessen betekenen peentjes zweten. Elke dag ben ik na het oefenen doorweekt. Hier wordt ik weer met de neus op een verschil tussen Europeaan en Aziaat gedrukt. Hoe toegewijd ze ook werken, ze zweten zelden. En als ze al een druppeltje zweten ruik je ze nooit! Als je in het westen zeventig mensen in een ruimte bij elkaar zou zetten die deze lichamelijke activiteiten zouden doen bij deze temperaturen zou ik, gevoelig voor lichaamsgeuren, niet in de buurt willen zijn. Hier blijft iedereen er fris uitzien en ruiken. Dat ligt misschien voor een deel ook wel aan het vegetarische menu. Elke dag staat er driemaal een buffet klaar met zeer gevarieerd vegetarisch eten. Driemaal per dag eet ik rijst met daarbij allerlei gerechten met bekende en onbekende groeten en paddestoelen waarbij ik vlees niet mis! Ik had gedacht dat ik op een gegeven moment misschien wel een hond of kat zou willen villen, maar niets daarvan. Sterker nog, als we aan het eind van de week op de avondmarkt in het dorp ter oefening en test (bij alweer een tempel) vrijwillige voorbijgangers in stukken mogen trekken, sorry, ik bedoel: mogen behandelen, staan we bij een standje waar de hele avond saté-tjes op de bbq liggen. Van die geroosterde vleeslucht draait mijn maag om. Tijd om maar helemaal vegetarisch te gaan eten?
Het behandelen van vreemden is trouwens wel iets anders als oefenen op medestudenten die weten wat ze te wachten staat en soms ook aanwijzingen geven. Na de eerste ‘patiënt’ waar ik een total black-out ervaar en totaal niet meer weet wat ik moet doen, bedanken de volgende klanten mij heel opgewekt. Er staat gelukkig wel iemand bij die de mensen vertelt wanneer ze zich moeten omdraaien, op de rug of de zij en het formulier voor mij vertalen waarop staat hoe hun gezondheidstoestand is en waar de aandachtspunten zijn.

Het geleerde in de praktijk op de avondmarkt

Maar ik loop eigenlijk op de gebeurtenissen vooruit. De week bevatte veel, veel te veel om overal in detail op in te gaan. Maar toch zijn er wel wat dingen die leuk zijn om te vertellen.

In het kader van de groepsvorming wordt een groepsleider gekozen. Groepsleider zijn heeft niet veel om het lijf maar het kiezen zoveel te meer. Je kunt jezelf kandidaat stellen, of naar voren worden geschoven door mensen die jou geschikt vinden. Alles wat ik hier vertel is een interpretatie van wat ik zie en de kruimeltjes die voor me worden vertaald. Dus voor 98% observatie… Op een gegeven moment staan er een stuk of zes mensen (waaronder Pikun) die weer vertellen wie ze zijn, hoe oud ze zijn, wat hun beroep is en waarom ze geschikt zouden zijn als groepsleider. Onder vrolijk gejoel wordt er gestemd, en wie de meeste stemmen heeft is de leider. Het wordt een man uit Chiang Mai, een kennis van Pikun, sportleraar in Bangkok en ooit zwemkampioen van Thailand, en misschien ook wel verder. Ik vond het wel een goede keus, maar ja, ik ga alleen op het uiterlijk en gevoel. En met zijn uiterlijk is absoluut niets mis, prachtig sportief figuur!

Cupping-les. De zwemkampioen/sportleraar is model.

 

Cup op een monnik-rug

Het oefenen van cupping. Uit mijn schouder komt bloed dat zuurstof-arm en dus toxisch is. Dat kan voor problemen zorgen in de spieren. Voor ons misschien griezelig om te zien, maar in de Chinese geneeskunde een zeer beproefde en effectieve behandelmethode.

Het cuppen is als je het voor het eerst ziet niet prettig. Maar behalve het bloedlaten (aderlaten) kun je de cups ook gebruiken voor massage van cellulite. We leren ook om dit te doen. Er is geen betere methode voor goede doorbloeding van de huid en oplossen van vet in de huidlagen.

De Meester lijkt onvermoeibaar, ook bij de lessen die in de avond worden gegeven staat er een enthousiaste man voor de klas die de studenten tot in de late uren weet te boeien. In de avonduren worden veelal theorielessen gegeven. Na de lunch verdwijnt hij naar een privévertrek om te rusten en hij komt dan na een dik uur weer zo fris als een hoentje tevoorschijn. Ik zie ook dit met stomme verbazing aan. Nooit zie ik ook maar een spoortje van vermoeidheid. Nooit kun je aan hem merken dat hij deze stof al weet ik het hoe vaak heeft behandeld. Het enthousiasme waarmee hij lesgeeft is verstommend. En er is ook geen student die zegt, nou jongens, ik vond het genoeg voor vandaag, ik duik mijn bed in. Ze blijven letterlijk en figuurlijk bij de les. Zelfs nadat de dag is afgesloten door een gechant gebedje met de monniken blijven de studenten nog met elkaar praten en er zijn ook avonden dat er na de lessen nog van allerlei onderling moet worden geregeld. Elke student heeft een eigen bijdrage aan het reilen en zeilen van het hele gebeuren. Vaak pakt er iemand op een vrij moment de microfoon en houdt een redevoering of pleidooi of legt plannen voor. Er moet bijvoorbeeld geld worden ingezameld voor een kado voor de leraar. Een zeer terechte actie. Waarover de andere toespraken gaan… geen idee. Op een gegeven moment heb ik ook wel het gevoel dat als van mij iets wordt verlangd, ik het wel horen zal. En dat gebeurt ook. Din komt naar me toe en vraagt of ik eens naar de Engelse tekst op het certificaat wil kijken. Volgens hem rammelt het behoorlijk. Dat klopt. De jongen die de administratie doet twijfelt nog. Een leraar Engels in Maleisie heeft dit certificaat opgesteld. Tja, als je op die manier Engels moet leren is het te begrijpen dat het maar een gebrekkige toestand blijft met dat Engels hier…
Samen gaan we er eens voor zitten en er rolt een certificaat uit waarvan de bewoording ook voor een buitenlander te begrijpen is…

Tijdens de avondlessen zit ik vaak met mijn laptop (er is wifi in de school) en zoek op internet meer informatie over de onderwerpen die aan de orde komen. Dus voor mij ook goed bestede tijd en ook heerlijk om me even in een eigen internet-wereldje terug te trekken met Engels als voertaal.

Tijdens de ontbijt- lunch- en de pauze van het avondeten is er genoeg tijd om ook even uit te rusten. Sommigen, zoals ik, gaan languit op een behandeltafel. Hoe smal het ook is, en hoe hard in vergelijking met een bed, vaak val ik toch wel even in slaap. Er zijn er ook die op de harde tegelvloer liggen, en ook slapen. Er is zelfs een knul, taekwondo leraar, die met zijn rug tegen de muur gaat zitten, benen recht vooruit, doek over zijn hoofd en slapen met de geit. Dat zitten op de vloer, die keiharde tegelvloer, en dat urenlang is ook iets onbegrijpelijks. Voor mij dan. Op die massagetafels zitten zonder steun in je rug, en ook dat urenlang, ik kan er niet bij. Na een half uur glip ik al naar buiten waar ik een plastic stoeltje grijp, want ik krijg er wat van. Op een middag hebben we muziektherapie waarbij we op de vloer moeten zitten. Ja doe maar joh, echt leuk, heel bijzonder. Pffff, als het volgende onderwerp aan bod komt moeten we ‘treintje zitten’ in lotushouding en de rug van de persoon die voor je zit strelen/masseren. Opeens voel ik spieren in mijn rug verkrampen en ik maak dat ik buiten kom. Een van de leraren is bezig om een student een bijles te geven en ik vraag of ik even model mag liggen. Als hij mijn rugspieren voelt roept hij er een Engelssprekende vrouw bij. Wat is er gebeurd? vraagt ze aan me. Ik probeer uit te leggen dat wij in het westen van kind af aan geleerd worden om op een stoel te zitten, en het op de vloer zitten de meeste westerlingen niet goed afgaat, tenminste niet voor langere tijd.

Degenen die gegeten en gerust hebben zitten met elkaar te praten, nemen de lesstof met elkaar door of doen karaoke. Vaak doet de meester daar ook aan mee. Karaoke, ik had er wel van gehoord maar nog nooit in een ruimte geweest waar het echt werd gedaan. Op het scherm verschijnen Thaise teksten van Frans Bauer/ Jan Smit achtige teksten, aan de melodietjes te horen. Als ik me tijdens zo’n sessie tussen het vrolijk zingende groepje bevind komt de meester op het idee een Engelse tekst te rollen waarbij ik mijn zangkunsten kan tonen. Het wordt “Let It Be”. Aan het applaus te horen ben ik een succesvolle carrière als zangeres misgelopen…

Na de middaglessen komt er enkele keren een yogalerares die ontspanningsoefeningen met de groep doet. Maar er zijn ook dagen dat er van de studenten het voortouw neemt. De handlezer bijvoorbeeld, beslist niet de jongste van het gezelschap doet kunstjes die meer aan een circusartiest doen denken. en elke keer is de vrolijkheid zo aanstekelijk. Als je hier als nuchtere westerling naar zou kijken zou je hier zoveel kinderlijks in zien, soms zelfs een kleuterklas. Maar het ontroert mij diep. Deze mensen lijken zo onbevangen, zo zonder vooroordelen, niemand wordt buitengesloten, er worden ook geen vriendengroepjes gevormd, iedereen helpt iedereen, zonder uitzondering. Er zijn een paar hele dikkerds bij, er is een man die heel stijf is en moeilijk is om mee te oefenen, er is een gekke buitenlander bij, maar de groep is een hechte en bijzondere eenheid. Alleen om dit allemaal te beleven is voor mij onvergetelijk.

Ik zie sommige studenten al vanaf dag één met piepkleine pleistertjes op en in hun oren lopen. Heb ik nog nooit gezien. Blijken acupunctuurnaaldjes te zijn, die ze bij elkaar zetten voor verschillende kwaaltjes of om alvast te oefenen. Er wordt mij verteld dat we dit ook in deze week gaan leren zetten. Maar voor dat zo ver is wil de meester bij mij wel wat naaldjes zetten. Ik groei dicht hier, met al dat heerlijke eten. Maar met deze methode kun je je hongergevoel te lijf. Dus behalve dat ik er een paar kilo af zweet met de praktijklessen maak ik ook nu opeens mee dat ik mezelf elke keer hoor zeggen: I’m not hungry, als me gevraagd wordt of ik honger heb. Vragen of een gast honger heeft behoort nl. tot de allerbelangrijkste beleefdheidsvorm. De naaldjes zijn piepklein en je voelt het amper als ze gezet worden, kunnen een dag of vijf tot zeven blijven zitten, en werken echt. En zo is de week vol openbaringen en de kennis die ik opdoe zal me nog jaren plezier bezorgen.

We worden tot aan de laatste dag volgepompt met kennis. Het evenwicht aan plezier, rust, werken, luisteren, bewegen, oefenen, lol maken, eten enzovoorts is zo perfect. Deze meester draagt niet alleen kennis over, maar weet het zelf perfect in de praktijk te brengen. Er is een harmonie, een balans tussen pret maken en serieus studeren die, ik kan niet genoeg superlatieven bedenken, ongekend is. Midden in de week is er een party. Dan draagt iedereen wat geld bij en wordt er eten besteld en kreunen de tafels onder het gewicht van Noord-Thaise cuisine. Met vers vruchtensap (als ik in Nederland weer aan de wijn ga mag ik wel uitkijken) en ijsjes toe. dan is het weer tijd voor les, maar die bestaat uit muziektherapie, en we dansen en lachen tot we dubbel en met z’n zeventigen in een kluwen liggen te gillen van de lach. Vooral om de capriolen van de meester, die ons voordoet wat lachtherapie inhoudt. Ik heb dat in Nederland eens meegemaakt en ik vond het een ongelofelijk zotte vertoning, lachen zonder iets waarover je kunt lachen. Hier verwacht ik even hetzelfde. Heel even maar. En dan zie ik de idiote humor, en kan mezelf niet meer inhouden. Ik loop nog dagen met pijn in mijn kaken van het lachen…

En dan komt de laatste dag. ’s Morgens krijgen we nog een aantal bijzondere onderwerpen op ons bord en dan vertrekken we richting iets wat niemand goed voor me weet te vertalen. Het is ergens op een mooie plek in de natuur, en er is water. Gaan we daar picknicken? Spelletjes doen? Geen flauw idee.
Het blijkt wild-water raften te zijn, (Op een bord onderweg staat de volgende aankondiging: White Water rafting, waar je maar weer kunt zien dat Thais een fonetische taal is. De klank White en Wild lijken immers sprekend op elkaar, dus moet het wel hetzelfde betekenen…) Daarbij houden we geen droge draad aan ons lijf. Op lange vlotten van aan elkaar bevestigde dikke bamboestokken zakken we de bergstroom af. Wat een heerlijke middag vol geschater en geklater. De meester noemt dit voor het gemak maar water-therapie en dat ben ik totaal met hem eens. We spoelen dus letterlijk de cursus uit en als we weer thuis komen liggen er stapels wasgoed en email. Het gewone leven begint weer, maar anders.

En er is ook geweldig nieuws. Get heeft een baan gevonden. Ze werkt aan de informatie-balie van een enorme Doe-Het-Zelf zaak. Ze is, net als moeder Pikun en ik, beretrots. Nu maar hopen dat ze het volhoudt, maar ze ziet er blij en gelukkig uit!